Sara Dubbeldam koopverslaving duurzame garderobe
Thoughts

Van koopverslaving naar duurzame garderobe: mijn verhaal

Hoe meer slow fashion gaat leven, hoe vaker ik word gevraagd naar mijn reis. Mensen vinden het mega interessant hoe ik de overstap heb gemaakt van koopverslaafde fast fashionista naar duurzame modeliefhebber én zelfs voorvechter. Ik snap wel waarom. Het is momenteel tenslotte een gígagroot vraagstuk: hoe laten we die verdomde consument toch éindelijk eens verduurzamen? Wat is er nodig? Wat heeft andere mensen ooit getriggerd? En hoe kunnen we dat inzetten om nu ook andere mensen te bereiken? Daarom deel ik ‘m eens vandaag, mijn complete reis van koopverslaving naar duurzame garderobe. Hoe diep ik in de fast fashion mallemolen zat, wat mij triggerde om te veranderen en welke stappen ik heb gezet.

 

Hoofdstuk 1 (2012):
het begin: koopverslaving

Oké, laten we eerst naar het begin gaan. Het is 2012, 7 jaar geleden. Ik was 24 en gek op mode. Ik hield de trends nauwlettend in de gaten via de bladen en modefora en ik had een eigen fashion blog. Die waren in die tijd net in opkomst, ik kreeg veel waardering voor mijn outfits en mijn bereik groeide snel. Ik kocht veel. Heel veel. Online shoppen was sterk in opkomst en het idee dat ik met een paar clicks nieuwe kleding had besteld via Asos, H&M en Zara – én deze met hetzelfde gemak weer kon retourneren – zorgde ervoor dat ik heel makkelijk bestelde. En vaak; ik kreeg wekelijks pakketjes binnen. Mijn koopverslaving was enorm. Doordat ik een blog had (social media was toen nog niet zo groot), voelde ik een grote behoefte om elke outfitpost een nieuwe outfit aan te hebben. Het gevoel is vergelijkbaar met hoe Instagirls nu met hun kleding omgaan, en hoe andere meiden worden getriggerd om steeds meer te kopen. Ik was kleding ook snel weer zat: als ik het had gedragen en erover had gepost, had ik de waardering ervoor tenslotte al gehad en de druk op vernieuwing was hoog. Ik weet nog dat ik me soms wel eens bewust van was dat ik wel heel veel kocht en dat het niet helemaal goed was dat ik al mijn geld uitgaf aan kleding. Maar het belangrijkste – waar ik me op dat moment nog helemaal niet bewust van was – was dat ik mijn waardering haalde uit het dragen van mooie en trendy kleding. De reacties op mijn outfits bepaalden voor een belangrijk deel mijn zelfwaardering. En mensen wisten dat misschien niet van me, maar stiekem was ik best onzeker.

 

 

Hoofdstuk 2 (2013):
De eerste trigger, maar geen gedragsverandering

We springen even door naar 24 april 2013. De dag van de beruchte ramp in Rana Plaza.Een kledingfabriek in Bangladesh stortte in, door het niet naleven van veiligheidsvoorschriften. Meer dan 1000 kledingwerkers kwamen om en er waren duizenden gewonden. Het was all over the news en ik was in shock. Ik voelde me slecht en op dat moment dacht ik voor het eerst na over de schaduwzijde van de modewereld. Ook besefte ik dat ik bij merken kocht die mensen onder verschrikkelijke arbeidsomstandigheden lieten werken. Maar ondanks dat besef veranderde mijn gedrag niet. Ik kan me herinneren dat ik zelfs twee dagen erna weer een pakketje bestelde bij Asos. Dat voelde dubbel en de beelden van de ramp schoten voorbij, maar tóch drukte ik op die bestelknop. Want ja, die schoenen waren voor mij gemáákt, toch?

 

Hoofdstuk 3 (2014 & 2015):
De aanloopperiode

Branding bla bla
De twee jaren erna bleef ik in dezelfde bubble. Ik kocht nog steeds Zara en Asos leeg, ik verkocht de kleding met dezelfde snelheid (soms ongedragen) weer op Marktplaats en ik deelde nog steeds mijn outfits. Maar vanbinnen was ik langzaam aan het veranderen. Ik werkte als merkstrateeg bij een branding bureau en leerde daar veel over merken bouwen. Ik ging anders naar merken kijken; hen beter doorzien. Mijn blik werd scherper en ik werd me er steeds meer van bewust dat de perfect gestylede modecampagnes erop gericht waren om mij continu nieuwe spullen te laten kopen. En dat ik eerder een zwak onzeker schaap was dat zich liet overhalen dan een sterke vrouw die er goed uit zag.

Filosofische mentaliteitsverandering
Maar wat mij écht heeft doen veranderen, was de filosofie. Via mijn beste vriend (die inmiddels mijn vriend is ;)) kwam ik in aanraking met de filosofie en via filosofen als Henry David Thoreau, Epicurus en Lao Tze bespraken we onderwerpen als: “wat hebben we nou écht nodig om gelukkig te zijn (en wat niet)?”, “waarom zijn we zoveel bezig met trends?”, “in hoeverre is de mode volgen nou écht een vorm van zelfexpressie” en “waar kun je het best je eigenwaarde aan verlenen?” Je kunt je wel voorstellen dat dit invloed had op hoe ik naar mijn garderobe begon te kijken.

 

Hoofdstuk 4 (eind 2015):
De eerste stap: slow fashion challenge

Eind 2015 besefte dat mijn mentaliteit en mijn koopgedrag veel te ver uit elkaar lagen. Nog steeds kocht ik net zoveel fast fashion als daarvoor en het begon zó te wringen dat ik vond dat ik niet langer zo door kon. Precies in die tijd keek ik de documentaire The True Cost en dat was de laatste trigger die ik nodig had. De documentaire portretteerde het leven van een kledingwerkster die amper rond kwam. Op een gegeven moment zegt ze: “I don’t want anyone wearing anything produced by our blood”. BAM. Haar persoonlijke verhaal zorgde ervoor dat ik ineens de connectie legde tussen mijn koopgedrag en de invloed ervan op de wereld. Dit kón niet langer. Maar tegelijkertijd kende ik mezelf. Ik wist hoe moeilijk het was om van mijn fast fashion koopverslaving af te stappen. Daarom bedacht ik een challenge voor mezelf: één maand mocht ik alleen maar duurzame en eerlijke kleding kopen. Achteraf lijkt het bizar kort, zo’n maand, maar die korte tijdsspanne was precies wat ik nodig had om een eerste stap haalbaar te maken. In die maand leerde ik zóveel mooie merken kennen (waaronder Reformation, waar ik verliefd op werd) en leerde ik zoveel over de wereld achter onze kleding, dat ik niet meer terug wilde. Tegelijkertijd was er nog weinig informatie te vinden, en weinig inspiratie in mijn stijl. Ik wilde mensen zoals mezelf helpen om duurzame stappen te maken. When Sara Smiles was geboren.

 

 

Inmiddels is er veel veranderd. Begin 2016 kocht ik alleen maar bij duurzame merken, maar nog steeds veel. Dat kostte niet alleen veel geld, ook merkte ik dat mijn relatie met kopen nog steeds niet gezond was. Inmiddels weet ik dat een écht duurzame garderobe begint bij een duurzame mentaliteit. Daarom heb ik de afgelopen zomer een No Buy Challenge gedaan en flink gemariekondood, waarbij ik 3 maanden lang niks heb gekocht om mezelf te trainen in meer tevredenheid. Inmiddels is mijn garderobe een vierde van wat-ie was, ik koop veel minder en ik besef dat ik niet de meest trendy chick hoef te zijn om me goed te voelen over mezelf. Ik koop bij duurzame merken en veel vintage en mijn vriend en ik zijn momenteel aan een deels shared (vintage) wardrobe aan het bouwen, waar ik binnenkort meer over ga vertellen. Het is namelijk héél leuk!

Zo. Dat was mijn reis in een uitgebreid artikel, maar voor mijn gevoel in een notendop. Elke reis is anders; de jouwe ongetwijfeld ook. Maar wat ik wel weet, is dat veel mensen niet op duurzame kleding overstappen door één event of epiphany-moment. Het is vaak een opbouw van allerlei dingen die je meemaakt. Van wat je in de media hoort tot de mensen met wie je omgaat. Er is dan ook niet één manier om “de consument”te laten verduurzamen (meer over de complexiteit van het antwoord op die vraag? Onlangs schreef ik er een heel artikel over!). Hopelijk geeft dit verhaal je inspiratie om ook te kijken waar jij staat in je reis en waar je heen wilt. Én helpt het je beseffen dat ook ik tijd nodig had om te veranderen, en veel ook. Zie de verduurzaming van je garderobe niet als een enorme reis die je nog moet afleggen (waarbij je denkt: “het staat zo ver af van waar ik nu sta, waar the fuck begin ik?!” en dicht slaat), maar zet in ieder geval één stap. En waardeer je guts om die stap überhaupt te zetten. Ik ben er ook nog niet. Maar ik ben wel blij met waar ik nu sta. Succes!

 


 

Fotocredits:
Angela de Vlaming, voor Viva

1 Comments

  • Die shared wardrobe lijkt me wel interessant, vooral kan dat ook beide kanten op?
    Ik draag wel eens wat van hem maar ik heb niks wat hij aan zou passen. Of ik zou me veel oversizder en boxier moeten kleden. Onze smaken liggen opzicht wel op een lijn qua kleuren en materialen, alleen de modellen niet.

    Beantwoorden

Write a comment